Verhuisd



Let op: Neder-L is verhuisd naar www.neerlandistiek.nl

dinsdag 14 april 2015

Het eten van veel taartjes

Wat we nog niet weten over het werkwoord (10)
Door Marc van Oostendorp

Zoals water kan overslaan in ijs, zo kan een werkwoord ineens overslaan in een zelfstandig naamwoord. Stel, je vindt het fijn om taartjes te eten. Dan kun je dat natuurlijk op verschillende manieren zeggen:
  1. Ik word gelukkig als we veel taartjes eten.
  2. Ik vind het fijn om veel taartjes te eten.
  3. Ik houd van veel taartjes eten.
  4. Veel taartjes eten is fijn.
  5. Het eten van veel taartjes is fijn.
Gaande van zin (1) naar zin (5) wordt eten steeds zelfstandignaamwoordachtiger. In zin (1) is het in alle opzichten een werkwoord: een persoonsvorm met een onderwerp (we) en een lijdend voorwerp (veel taartjes) en een uitgang die meeverandert met het onderwerp (als ik veel taartjes eet). In zin (2) is eten nog steeds duidelijk een werkwoord, al is het nu een onbepaalde wijs. Ook in (3) zullen veel mensen er nog wel een werkwoord in zien, al is het apart dat het gebruikt wordt na een voorzetsel, en al kan er inmiddels al geen onderwerp meer worden gebruikt – je kunt niet zeggen ik houd van wij veel taartjes eten.

Gebombardeerd

In zin (4) heeft er een nieuwe verandering plaats gevonden: veel taartjes eten is nu het onderwerp van de zin, een rol die normaliter alleen is weggelegd voor zelfstandig naamwoorden. Tegelijkertijd heeft eten nog steeds wel het lijdend voorwerp veel taartjes. Echte zelfstandignaamwoorden kunnen dat niet: je kunt niet zeggen de veel taartjes maaltijd, het moet zijn de maaltijd van veel taartjes.

Die laatste stap zet eten ook zodra je er een lidwoord voor plaatst: 'het veel taartjes eten' is vreemd. Nu klinken constructies als zin (5) een beetje omslachtig, maar ongrammaticaal zijn ze niet. 

Taalkundigen denken meestal dat eten in dit soort zinnen echt helemaal geworden is tot een zelfstandig naamwoord geworden is, waarom je alleen nog een zelfstandignaamwoordsgroep kunt bouwen; het laatste restje werkwoordelijkheid is eruit geperst. Aan de andere kant is in zin (4) eten nog een werkwoord dat een werkwoordelijke groep vormt met taartje, en dan ineens wordt die hele groep tot een zelfstandignaamwoordsgroep gebombardeerd.

Klontering

In het deel over Verbs and verb phrases van de monumentale Syntax of Dutch laten Broekhuis, Corver en Vos zien dat dit toch ook niet helemaal klopt. Ze merken op dat alle volgende zinnen volkomen acceptabel zijn:
  1. Ik wil de kinderen horen lachen.
  2. De kinderen horen lachen is altijd een feest.
  3. Het horen lachen van de kinderen is altijd een feest.
  4. Ik heb de bladeren zien vallen.
  5. Bladeren zien vallen betekent dat de herfst begint.
  6. Het zien vallen van bladeren betekent dat de herst begint.
Het is op het eerste gezicht weer hetzelfde patroon: je kunt de kinderen horen lachen of bladeren zien vallen tot onderwerp van een zin verheffen, je kunt er het voor zetten, en dan kunnen de kinderen of bladeren ineens geen lijdend voorwerp meer zijn en krijgen ze van.

De angel zit er hier natuurlijk in dat de kern ineens niet één werkwoord is, maar twee: horen lachen of zien vallen. Het op die manier samenklonteren is iets wat alleen werkwoorden doen (het eerste werkwoord beschrijft een vorm van waarnemen zoals horen of zien). Zelfs in zinnen als (8) of (11) zit dus nog helemaal in de kern een beetje werkwoordelijkheid. Wat die kern precies is, en waarom hij zich tot deze klonter beperkt, dat weet momenteel echter niemand.

1 opmerking:

  1. Het Duits heeft zichzelf in de nesten gewerkt door zelfstandige naamwoorden met een hoofdletter te schrijven. De spellingregelaars hebben dus een nauwkeurig besluit moeten nemen waar ze de grens tussen werkwoord en zelfstandig naamwoord trekken. Ik weet niet heel precies hoe dat besluit is uitgevallen (ongetwijfeld net zo'n moeizaam verhaal als onze tussen-n, en ook net zo vatbaar voor veranderingen die niets helderder of gemakkelijker maken), maar het valt me op dat zinnen à la (8) en (11) in het Duits soms vreemde woordgedrochten opleveren, met spellingen als das Lachenhören en das Fallensehen. En ook, in een iets andere soort zinnen, dingen als das Schreibenkönnen en das Reisenwollen.
    Dat krijg je er nou van als je een scherpe lijn wil trekken door een grijs gebied.

    BeantwoordenVerwijderen

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.