Verhuisd



Let op: Neder-L is verhuisd naar www.neerlandistiek.nl

donderdag 19 maart 2015

Ertijdens

Door Marc van Oostendorp


Een tijdje geleden twitterde iemand een vraag die sindsdien in mijn hoofd is blijven zitten:
Ja, hoe zit dat? De literatuur heeft er niet veel over te zeggen. Ja, voorzetsels die een tijdsspanne or tijdstip uitdrukken kunnen volgens de Syntax of Dutch meestal niet op deze manier bevraagd worden: je kunt ook niet zeggen waargedurende of waarsinds, al hoe wel waarvoor en waarna niet heel vreemd zijn ('waarvoor moest je ook weer bellen?' 'voor de vergadering' – toch wel een beetje vreemd).

Eigenlijk zijn de voorzetsels die wel goed met waar gaan, bijna allemaal voorzetsels die een locatie in de ruimte aanduiden: op, onder en in zijn daar goede voorbeelden van. 
Dat heeft op zijn beurt ongetwijfeld te maken met het feit dat je het soort woorden dat je op de plaats van waar kunt zetten allemaal ook gebruikt worden om plaatsen aan te duiden. Waar is zelf een voorbeeld (waar woon je?), en andere voorbeelden zijn er, daar, overal, ergens: die kun je allemaal voor op zetten (erop, daarop, overal op, ergens op). Tijdsaanduidingen kunnen dat niet ('Op welk moment kom je?' 'Ooit op').

Het gekke is dan wel dat je waartijdens ook niet op een voor de hand liggende manier kunt vragen.

Neem waarop. Daarvan zou je kunnen zeggen dat het de Nederlandse manier is om op wat te vragen:
  • Ik zie het dak. Wat zie jij?
  • Het dak is mooi. Wat is mooi?
  • Ik zit op het dak. Waarop zit jij? 
Die laatste zin kun je niet zomaar vervangen door Op wat zit jij? Dat laatste vraag je alleen wanneer je de ander bijvoorbeeld niet goed gehoord hebt: 'Ik zit op het dak' 'Op WAT'?


Het rare is nu dat je met tijdens ook niet kunt zeggen: 'Tijdens wat lees jij een boek?' (behalve dus weer wanneer je de ander niet goed gehoord hebt). Zoals je trouwens ook niet kunt zeggen 'Wachten vind ik niet erg, ik lees een boek tijdens het' (zoals je wel kunt zeggen 'Wachten vind ik niet erg, ik vind het juist leuk').

Het is net alsof een voorzetsel in het Nederlands geen al te zwak woord bij zich mag hebben. Op wat en op het, tijdens wat en tijdens het zijn daarom allemaal ongewenst. Alleen kun je in de eerste twee gevallen een plaatsbepaling gebruiken (waar, daar) die vervolgens naar een plaats voor het voorzetsel kan ontsnappen.

14 opmerkingen:

  1. Leuk! Helaas heb ik nu zo vaak 'waartijdens' door mijn hoofd laten gaan, dat het in mijn oren goed klinkt. Gelukkig is de constructie niet helemaal onmogelijk; juridisch kent men 'ten tijde waarvan'.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ik kwam dit nog tegen:
      "Velen hebben de beker-wedstrijd waartijdens het jubileum gevierd werd, aan zich voorbij laten gaan"
      (Laatste Ajax Nieuws voor Ajax fans | Ajaxfans.net, 28-1-2011)

      Verwijderen
  2. Het is echt heel simpel: 'op' is een achterzetsel, net als 'om', 'voor', 'in', 'mee', 'tegen', enzovoorts; 'tijdens' is dat niet.

    Ja, zeg je nu, dat lost het probleem niet op, geeft er alleen een naam aan.
    En inderdaad: warom 'op' een achterzetsel is (overigens noemen we dat om voor mij onnaspeurbare redenen een bijwoord) en 'tijdens' niet, weet ik niet.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. En naast, buiten, boven, binnen, enz.? Allemaal geen achterzetsels, allemaal wel mogelijk met 'waar'.

      Verwijderen
  3. Ingeval het antecedent een persoon is, hebben we in spreektaal wel degelijk ook 'waar', hoewel er van ruimte geen sprake is: de man waarmee ik vertrok/ waarop ik reken / waarin ik vertrouwen heb enz. Sommige van die voorzetsels/achterzetsels (in, op enz.) gebruiken we in eerste instantie in ruimtelijke zin, maar bij met/mee is dat niet het geval. Het raadsel lijkt me dus nog niet opgelost.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Klopt: voorzetselvoorwerpen gaan ook met 'waar' en dit niet alleen met personen, vgl. 'de brief waarop ik wacht'. De opmerking die Marc aanhaalt heeft alleen betrekking op bijwoordelijke bepalingen van tijd en plaats.

      Verwijderen
  4. Deze reactie is verwijderd door de auteur.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Tijdens is net als krachtens, namens en wegens (volgens 't WNT) in de 19e eeuw in gebruik gekomen. Misschien verklaart dat hun afwijkende gedrag. Zijn nog niet voldoende geïntegreerd. Even wachten dus. En zie opmerking 1, over waartijdens.

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Interessante observatie, Jan; overigens eindigen zo ook allemaal in -ens. Ik denk desondanks toch dat de semantische observatie (geen tijdsbepalingen) geldingskracht heeft. Een zin als "ik heb ertussen gegeten" kan immers echt niet beteken "Ik heb tussen het journaal en Nieuwsuur gegeten".

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Deze reactie is verwijderd door de auteur.

      Verwijderen
    2. Ik zou niet zo stellig ('echt niet') zijn wat dat 'ertussen' betreft.
      Kijk ook naar Nijhoff "Het tuinfeest":

      Zij zingen, nijgen naar elkaar en kussen,
      Geenszins om liefde, maar om de sublieme
      Momenten en het sentiment daartusschen.

      Of is dit wat anders?

      Verwijderen
    3. Inderdaad wat anders (een bijvoeglijke bepaling). Maar later vond ik deze voorbeelden:
      "Ik MOET ontbijten nu, 10u stuk fruit, 12u 4 sneden brood met beleg, 15 u fruit, 's avonds warme maaltijd.
      MOET lukken zo en ik moet zeggen, veel honger ertussen heb ik niet."
      (Google vr 05 dec 2014)
      EN:
      Speelterm b. h. touwtje springen: ... achter elkaar in de bocht springen, zonder dat ertussen gedraaid wordt, "vuurtje houden", GHIJSEN 1194 b [1964]. (Wdb Zeeuwse dialecten)

      Verwijderen
    4. Fraai, ik sta met mijn mond vol tanden: ik denk dat als de context voldoende aanleiding geeft om een temporele interpretatie aan "ertussen" te geven dit inderdaad mogelijk is: vgl. ook “de lessen en de pauzes ertussen”.

      Overigens verbazen dit soort gevallen me ook niet echt. Je kan TIJD immers ruimtelijk representeren, namelijk op een tijdas (verleden-heden-toekomst). Het enige is dat je dan in een tweedimensionale “ruimte” werkt: je hebt wel "voor/tijdens/na de vergadering" maar niet "onder/boven de vergadering", en je hebt ook de temporele vormen "ervoor" en "erna".

      De vraag waarom "ertijdens" en "ertussen" moeizamer zijn, moet dan een andere reden hebben: morfologische complexiteit (vanuit diachroon perspectief) zou een van de mogelijkheden zijn. De vormen die in de Syntax of Dutch als onmogelijk gegeven worden (Adpositions and Adpositional Phrases, p.311) lijken diachroon gezien allemaal complex. Dat geldt zelfs voor "tot" dat volgens het WNT ontstaan is "uit de samenvoeging van de beide voorz. toe en te": probleem is dan wel dat de met # gemerkte vormen heel normaal zijn als aanduiding van een plaats.

      tijdens de boottocht - *er tijdens
      gedurende de vergadering - *er gedurende
      sinds het einde van de vakantie - “er sinds
      tot het einde van de vakantie - *er tot/toe
      tussen de lessen - #er tussen
      vanaf het begin - #er vanaf

      Boeiend onderwerp voor verder onderzoek. We zitten dus met twee vragen: (i) waarom zijn de met een * of # gemarkeerde vormen onmogelijk or in ieder geval minder gebruikelijk als temporele vormen en (ii) waarom zijn de met een # gemarkeerde vormen wel gebruikelijk als locationele vorm.

      Verwijderen
    5. Onze laatste twee reacties hebben elkaar gekruist. Waarom zou het een probleem zijn dat "ertussen" in het Nijhoff voorbeeld een bijvoeglijke bepaling is: het gaat toch om de vraag of deze vorm een temporele betekenis heeft?

      Verwijderen

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.