Verhuisd



Let op: Neder-L is verhuisd naar www.neerlandistiek.nl

maandag 30 juni 2014

Pas verschenen: Paul Claes – De Sleutel

Bij uitgeverij Vantilt verscheen De sleutel. Vijfentwintig gedichten van Noord en Zuid ontsloten van schrijver, dichter, essayist, vertaler en letterkundige Paul Claes.

De uitgever omschrijft de inhoud als volgt:

"Lezen is ontsluiten. Wie de sleutel niet heeft, staat voor een gesloten boek. Om poëzie te ontcijferen heb je zelfs een dubbele sleutel nodig. De eerste sleutel is die van de intertekstualiteit: een gedicht wordt duidelijk tegen de achtergrond van de traditie. De tweede sleutel is die van de poëtica, want een raadselachtig gedicht is pas te begrijpen door de regels van de poëtische formulering.
Gewapend met deze twee sleutels leest Paul Claes in De sleutel 25 gedichten uit Noord en Zuid opnieuw en kan hij essentiële raadsels oplossen in beroemde gedichten als het ‘Egidiuslied’ van Jan Moritoen, ‘Een sneeuw ligt in de morgen vroeg’ van J.H. Leopold, ‘Vera Janacopoulos’ van Jan Engelman, ‘De moeder de vrouw’ van Martinus Nijhoff, ‘Februarizon’ van Paul Rodenko en ‘De ingewijde’ van Hugo Claus. De sleutel opent zo een verbluffend nieuw perspectief op de Nederlands­talige poëzie."

Paul Claes, De sleutel. Vijfentwintig gedichten van Noord en Zuid ontsloten. Nijmegen: Vantilt, 2014. 168 pagina’s. ISBN: 9789460041679. Prijs: € 16,95

I am soooo happy!

'Emotionele besmetting' op Facebook
Door Marc van Oostendorp


Misschien gaan jullie nu ook wel van Facebook af: want dat bedrijf heeft zonder dat we het weten een grootscheepse taalproef met ons gedaan! Het is in het nieuws gekomen als een experiment naar 'emotionele besmetting', maar het gaat feitelijk over woordjes. En ik denk dat Facebook met het experiment vooral een bak geld in het water heeft gegooid.

Wat was er aan de hand? Van ongeveer zeshonderdduizend (Engelstalige) gebruikers werd een tijdlang de zogeheten timeline gefilterd, de lijst met berichten van hun vrienden. Bij sommige mensen werden positieve berichten weggelaten, bij andere negatieve. Een positief bericht was daarbij een bericht met 'positieve' woorden: 'I am happy' is bijvoorbeeld een positief bericht omdat het woord happy positief is. Mensen met meer positieve berichten van vrienden bleken ook (iets) meer positieve woorden te gebruiken; en mutatis mutandis gold dat ook voor mensen met een negatief filter.

Zoals gebruikelijk onder psychologen werden er meteen allerlei grandioze claims aan deze bevinding verbonden.

Die historie vanden stercken Hercules : hoofdstukken [8] en [9]


Die historie vanden stercken Hercules

die veel wonderlike dinghen in sijn leven heeft ghedaen.
Sijn gheboerte was wonderlic, ende sijn leven was avontuerlic,
want hi menich vervaerlic beeste verslaghen heeft,
ghelijc men in die historie hier na verclaren sal.
Ende si is seer avontuerlic ende ghenuechlic om lesen.

Zoals gedrukt door Jan van Doesborch, Antwerpen 1521.





zondag 29 juni 2014

Vergadertalen

Door Leonie Cornips

Limburg is een grensprovincie bij uitstek. Het maakt deel uit van maar liefst vier Euregio’s. Drie van die Euregio’s zijn naar de grote rivieren genoemd: Maas-Rijn, Rijn-Waal, Rijn-Maas-Noord en Euregio Benelux Middengebied. In die Euregio’s overleggen bestuurders uit Duitsland, Nederland en België regelmatig met elkaar. In welke taal of talen doen ze dat?

Lonne Snijkers observeert voor haar scriptieonderzoek een aantal gezamenlijke Nederlandse en Duitse grensoverschrijdende vergaderingen. Zij interviewt de aanwezige bestuurders daar over hun taalkeuze. Er blijkt een taalafspraak van bovenaf gemaakt te zijn: in het overleg spreekt iedereen zijn of haar eigen taal. Maar hoe pakt zo’n taalafspraak in de praktijk uit? Hoe denken bestuurders over een dergelijke taalafspraak?

Net zo versnipperd als wij allemaal

Over Wiel Kusters' biografie van Kees Fens

Door Marc van Oostendorp


Een vrolijk boek is het niet, de biografie die Wiel Kusters schreef over Kees Fens. Melancholiek is het eerder, op het zorgelijke af. Fens was een man die in de loop van zijn carrière zo'n beetje alles wat hij liefhad, ten onder zag gaan. Critici kregen steeds minder aanzien en deden er door de commercialisering van het boekenvak ook steeds minder toe. De kranten werden wel dikker, maar ook steeds oppervlakkiger. De universitaire opleiding Nederlands werd opgegeten door bedrijfscommunicatie. De mensen liepen weg van de katholieke kerk, en aan het eind van zijn leven kreeg Fens ook de eerste berichten mee over de schandalen waar de kerk nu mee kampt.

Het begint al met de titel: Mijn versnipperd bestaan. In ieder geval aan het eind van zijn leven had Fens het idee dat hij zijn leven en werk te veel in krantenstukjes had opgedeeld. Een groot werk – of zelfs maar één boek dat niet vooral uit eerder in de krant verschenen stukken bestond – heeft hij uiteindelijk inderdaad niet geschreven.

Het lijkt er ook niet op dat Fens nu zo actief tegen die versnippering streed.

zaterdag 28 juni 2014

Wat de Sultan kan leren van de Revisor



Het was naar ik meen ergens rond 1880 toen schrijvers en dichters het idee kregen om een soort gezamenlijk huiskamertje te beginnen dat 'literair blad' moest gaan heten. Gezellig, maar het ging destijds zoals het hoort gepaard met veel pretenties en bravoure - hier werd het hoogste van de menselijke geest geëtaleerd, het summo numine van de maatschappij, voor 10 cent, vol met rederijkers en domineesgedichtjes en wat gesjeesd gewemel van Gorter. Fantastisch, gezellig, alle tien schrijvers die Nederland destijds rijk was lazen het nog ook.

Nu, ruim 130 jaar later, heeft het literaire blad een ongelofelijke groei weten doormaken. Waar de bevolking van Nederland groeide van vier naar zestien miljoen zou je redelijkerwijze op basis van de cijfers verwachten dat het literaire blad nu geen tien maar wel veertig lezers heeft, maar wie de cijfers bekijkt slaat de verbazing om het hart: het blad De Revisor heeft anno 2014 geen veertig, geen zestig maar wel tachtig abonnees. Tachtig! Dat is toch een groei van minstens 200%. Hoe valt dit succesverhaal van dit literaire blad te verklaren? Om dit op deugdelijke wijze te kunnen duiden moeten we deze bladen eens onder de loep nemen, om te kijken waar de verschillen zitten.

Doe mee aan onderzoek over debatteren in het voortgezet onderwijs

Docent Nico van der Woude is bezig met promotieonderzoek naar de functie en effecten van debatteren in het voortgezet onderwijs in Nederland. Het onderzoek aan de Universiteit Utrecht richt zich op de vraag of debatteren een onderwijskans biedt. Debatteren, presenteren en argumenteren zijn einddoelen voor het voortgezet onderwijs, maar er is weinig wetenschappelijk onderzoek beschikbaar over het effect van dit onderwijs.

Onderzoekers in Angelsaksische landen rapporteren dat debat positieve effecten heeft op onder andere taalvaardigheid, zelfvertrouwen en kritisch denken; soms ontbreekt alleen het bewijs. Het is daarnaast onduidelijk of die resultaten ook gelden in Nederland: zijn die educatieve, persoonlijke en maatschappelijke effecten wel geldig in een andere onderwijssituatie en (school)cultuur?

Daarom aan u de vraag om mee te doen aan dit onderzoek onder docenten, debaters en schoolleiders in het voortgezet onderwijs. U kunt meedoen via de onderstaande links:

Roodkapje kleedt zich helemaal uit

Door Marc van Oostendorp


's Ochtends schrijf ik meestal eerst dit stukje, dan haal ik koffie –mijn vrouw klaagt als ik te vroeg in de ochtend de espressomachine laat ratelen –, en dan zoek ik er nog even een plaatje bij.

Wat is daar de zin van? En dat heb ik het nu even niet over dat schrijven van stukjes, koffie drinken of luisteren naar mijn vrouw, maar het zoeken van plaatjes? Tot een jaar of vijf geleden werd Neder-L via de e-mailverstuurd met niente plaatjes, maar nu kan dat niet meer. Jullie zouden toch wel raar op staan te kijken wanneer je ineens enorme grijze lappen krijgt voorgeschoteld.

In Sterke verhalen beschrijven Jeroen Salman, Roeland Harms en Talitha Verheij de centsprent, het vaak goedkope drukwerkje dat vooral in de achttiende en de negentiende eeuw populair was en waarin in enkele korte zinnen, ondersteund met veel plaatjes, een verhaaltje werd verteld.

vrijdag 27 juni 2014

Vreemde wezens


Door Bart FM Droog

Soms komt nieuws langs dat je doet afvragen wat voor wezens het nu zijn, die bij instanties als het Nederlands Letterenfonds en de Nederlandse Taalunie bepalen waar subsidies voor digitale literaire projecten heengesluisd worden.

Zo berichtte het NRC Handelsblad op 23 juni dat het literaire tijdschrift De Revisor (oplage 200 ex., 80 abonnees), in het vervolg door De Bezige Bij wordt uitgegeven. Oké.  Maar dan: "de site heeft jaarlijks 14.000 bezoekers. Het blad kreeg subsidie van het Van Gennepfonds (4.500 euro per jaar) en het Letterenfonds (15.000 euro voor digitale projecten)."

Op de ongesubsidieerde literaire nieuwtjes- en roddelsite Tzum (jaarlijks ruim 300.000 unieke bezoekers) verbaasde men zich hogelijk over deze Letterenfonds-subsidie. De weinig bruisende Revisor-site, met circa 40 (!) bezoekers per dag, was al grotendeels een reclame-site. Dat mag, natuurlijk, maar om dat dan te subsidiëren is toch wel... vreemd.

Pas verschenen: “Kees Fens. Een leven lang Elsschot” (WEG-Cahier 14)



Als veertiende deel in de WEG Cahiers, de publicatiereeks van het Willem Elsschot Genootschap, is verschenen Kees Fens. Een leven lang Elsschot. In deze uitgave, bezorgd en toegelicht door Koen Rymenants, zijn alle Elsschot-beschouwingen die Kees Fens schreef voor het eerst gebundeld.

Het overgrote deel van de opstellen, kritieken en columns van Kees Fens over Willem Elsschot verscheen nooit eerder in boekvorm. Naast de klassieke essays van Fens over Elsschots romans Kaas en Het Dwaallicht bevat de bundel ook tal van onbekende artikelen uit het weekblad De Linie en de kranten De Tijd, de Volkskrant en De Standaard. Het nawoord van neerlandicus en WEG-bestuurslid Koen Rymenants brengt de teksten in verband met de invloeden die Fens onderging en met zijn opvattingen over literatuur en kritiek.

Summer School History of the Book



Van maandag 18 augustus tot en met vrijdag 29 augustus 2014 organiseren de Bijzondere Collecties en de Leerstoelgroep Boekwetenschap en Handschriftenkunde van de Universiteit van Amsterdam voor de vijfde keer de jaarlijkse Summer School History of the Book. Deze staat open voor alle geïnteresseerden in boekgeschiedenis.

Deelnemers kunnen zelf een à la carte-programma samenstellen uit diverse cursussen, workshops, rondleidingen en colleges. Ter gelegenheid van de tentoonstelling Sterke verhalen, die van 24 juni tot en met 5 oktober 2014 bij de Bijzondere Collecties te zien is, kan ook gekozen worden voor een speciaal programma rondom dit thema. Dit programma bestaat uit colleges en toverlantaarnvoorstellingen.

Meer informatie over het programma, kosten en inschrijving zijn te vinden op http://www.bijzonderecollecties.uva.nl/summerschool.

Mag Google Translate niet beter worden van Google?

Door Marc van Oostendorp

"
Op een dag de bijter gebeten," schrijft de Britse krant The Guardian vanochtend, "een Braziliaanse WK dat thrillingly bewogen was geweest op het veld ontplofte dramatisch in het leven eraf. "

Althans, wanneer je Google Translate mag geloven, momenteel de beste automatische vertaler ter wereld.

Google is dit jaar tien jaar bezig met het ontwikkelen van de vertaalmachine: in 2004 kwam de Duitse informaticus Franz Josef Och er in dienst om de nieuwe afdeling 'automatisch vertalen' te leiden. Dit luidde er een periode in van ongekende aandacht en eerbied voor big data als een manier om met taal om te gaan: weg met alle ingewikkelde pogingen om de computer te laten begrijpen wat er stond! Om zinnen te laten ontleden! Om analyses te maken van de context! In plaats daarvan hoefde je alleen maar gebruik te maken van alle miljoenen of miljarden vertalingen die er al op het internet waren te vinden. Een nieuwe vertaling bestond alleen uit het elegant aan elkaar plakken van alle kleine stukjes vertalingen die er al waren.

donderdag 26 juni 2014

'Ik vind bovendien dat hij grappig is'. Of: 'Ik vind dat hij bovendien grappig is'

Door Marc van Oostendorp


Het nieuwe nummer van Nederlandse Taalkunde is uit! Er staat onder andere een kort artikel in van Kees de Schepper en enkele anderen (hier is een digitale versie) over zinnen zoals de volgende:

  • Hij is erg charmant; ik vind bovendien dat hij ontzettend grappig is.
  • Niet belangrijk? Ik meen juist dat dit het essentiële punt is.
  • Ik denk misschien dat ik er ook een voor mijn moeder ga kopen. 

woensdag 25 juni 2014

Die leksikograaf als ekostryder


In die hersiening van ’n gevestigde woordeboek, een wat al ’n hele paar dekades oud is, kry die leksikograaf dikwels nie net met konkrete hersieningskwessies te doen nie, maar ook nie-konkrete. Konkrete hersieningskwessies het byvoorbeeld te doen met woorde en uitdrukkings wat verouderd geraak het en met betekenisverskuiwing, op grond van die taalaanvoeling van een of meer leksikograwe of korpusvoorbeelde en -statistieke. Nie-konkrete hersieningskwessies is moeiliker om te bepaal en het veral te doen met die gees van die tyd waarin ’n woordeboek saamgestel of daadwerklik hersien is en die lewensuitkyk van ’n leksikograaf. So ’n tydsgees of lewensuitkyk kan ’n invloed hê op die manier waarop woorde en uitdrukkings vertolk word, en die voorbeeldmateriaal wat gekies word. Waar vertolkings en voorbeeldmateriaal te nou aan ’n bepaalde tydperk verbind is, of die hebbelikhede van ’n bepaalde leksikograaf weerspieël, word die rakleeftyd van vertolkings en voorbeeldmateriaal beperk, en die volgende geslag woordeboekgebruikers vind al hoe minder aanklank daarby.

Vertaalseter Riet de Jong-Goossens krijgt erepenning Suid-Afrikaanse Akademie vir wetenskap en kuns

De Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns heeft een Erepenning toegekend aan de Nederlandse vertaalster Riet de Jong-Goossens. De Jong-Goossens ontvangt de Erepenning vanwege haar grote verdiensten als vertaler van Afrikaanstalige literatuur in het Nederlands. ‘Op deze manier’, aldus dr. Dioné Prinsloo, CEO van de SA Akademie, ‘kan een breed internationaal lezerspubliek kennismaken met de Afrikaanse literatuur. Ook heeft de Akademie grote waardering voor de uitstekende kwaliteit van De Jong-Goossens werk.’

De Erepenning van de Suid-Afrikaanse Akademie zal op dinsdag 23 september 2014 aan Riet de Jong-Goossens worden overhandigd tijdens een ontmoeting tussen Zuid-Afrikaanse schrijvers en Nederlandse vertalers, die plaatsvindt in het kader van de Week van de Afrikaanse roman. Bij deze ontmoeting zullen de schrijvers Etienne van Heerden, Irma Joubert, Sonja Loots, Kirby van der Merwe en Marita van der Vyver aanwezig zijn. De Erepenning zal door dr. Dioné Prinsloo van de SA Akademie worden overhandigd.

Registration SHARP 2014 - Religions of the Book is now open

The Organizing Committee of SHARP 2014 – Religions of the Book is very pleased to let you know that the registration for the conference is now open.

You can register by following this link:

http://www.sharp2014.be/registration.html

Please log in with your account and password (on the right column of the screen). This is the same account used for submissions. If you have not submitted a paper and would still like to subscribe to the conference, only then you need to create a new account (this is possible on the registration page).

We have also prepared a first draft of the Conference Schedule with a list of the papers and sessions:

http://www.sharp2014.be/program.html


We would like to stress that this is a provisional schedule. Cancellations or logistical issues may still cause us to consider minor revisions. However, we feel confident that we will be able to stay close to this schedule. We will of course keep you informed of any changes in the program.

If you still have questions, please feel free to contact us at sharp2014@uantwerpen.be.

Kind regards,

Stijn van Rossem and Kevin Absillis
for the SHARP 2014 Organizing Committee

Ondermaatse evaluatiecommissies

Door Marc van Oostendorp

'Een overzicht van ondermaatse studies is te vinden op nos.nl', zei de nieuwslezer gisterenavond in het 8-uurjournaal. Het was de culminatie van een dag vol woeste koppen over wat er nú weer allemaal niet deugde. Waardeloze alfa's alom! Honderden studenten hadden onterecht een diploma gekregen!

Voor het gemak werd daarbij af en toe met getallen gegoocheld. Hoe had men bijvoorbeeld precies bepaald dat het om honderden studenten ging? De cijfers zijn dat er 212 studies onderzocht zijn met samen ongeveer 6000 studenten. Daaarvan hebben er 26 een kritische beoordeling gekregen – als we ervan uitgaan dat die ongeveer gemiddeld groot waren, zijn dat dus 600 studenten. Maar nergens blijkt dat de opleidingen zo slecht waren dat alle studenten ten onrechte een diploma kregen: geen enkele opleiding moest onmiddellijk sluiten, overal heerst vertrouwen dat men binnen twee jaar de zaken recht kan trekken. Er zijn kennelijk vooral problemen met genadezesjes. Het is dus een fractie van 600: dat kunnen er eventueel 200 zijn, maar een orde van grootte van 60 lijkt me realistischer.

dinsdag 24 juni 2014

Publiceer eens een roman... via Twitter?!

Door Ine Kiekens
Dat sociale media een prominente plaats innemen in onze dagelijkse leefwereld hoeft al lang niet meer tot verwondering te leiden. ’s Morgens nog snel een selfie nemen van je nieuwe kapsel (#JustGotOutOfBed) om op Instagram te plaatsen, tijdens het ontbijten juist nog even doorheen Facebook scrollen en terwijl je je tanden poetst toch nog maar vlug eens kijken hoeveel retweets je laatste boodschap op Twitter had. Het is allemaal herkenbaar. Maar het gaat duidelijk steeds verder en verder. Kort geleden berichtte Marc van Oostendorp nog over de verfacebooking van de wetenschap. En inderdaad, zo kon ik vaststellen, vrijwel iedere zichzelf respecterende wetenschapper in mijn omgeving heeft onlangs wel eens zijn Facebook- of Twitteraccount gebruikt om over zijn wetenschappelijke activiteiten te getuigen.

Gisteren werd ik evenwel met iets bijzonders geconfronteerd.

Een ontleedprobleempje: het rare van deze situatie?

Door Marc van Oostendorp

Wat is de woordsoort van rijke in de rijke of rare in het rare van deze situatie? Zijn dat zelfstandig naamwoorden zoals rijkaard en snuiter, of bijvoeglijk naamwoorden zoals rijke en rare?

Daarover gaat, onder andere, een nieuw artikel van de taalkundigen Louise McNally en Henriëtte de Swart. Dat artikel behandelt een lastig detail van de zinsontleding en staat vol met allerlei mooie kleine observaties (voor een deel nieuw, voor een deel gebaseerd op het werk van Ellen-Petra Kester).

Zo kun je op het eerste gezicht vrij gemakkelijk vaststellen dat rijke een zelfstandig naamwoord is, bijvoorbeeld aan de hand van de volgende constructie:

- Die rare rijke

Bij rijke kan kennelijk een bijvoeglijk naamwoord staan, en dus moet het wel een zelfstandig naamwoord zijn: bijvoeglijk naamwoorden worden alleen vergezeld van een bijwoord.

maandag 23 juni 2014

Poëzie als kleurboek

Door Marc van Oostendorp

In Mei van Gorter buitelen de kleurennamen over elkaar heen. Een buitenkansje voor iedere liefhebber van letterkundige kleurplaten! Hoe zou het gedicht eruit zien wanneer je iedere genoemde kleur zou doen oplichten? Welnu, aldus:
Hoort, er gaat een nieuw geluid:
Een jonge veldheer staat, in 't blauw en goud
Roept aan de holle poort een luid heraut.
Blauw dreef de zee, het water van de zon
Vloot pas en frisscher uit de gouden bron
Op woll'ge golven, die zich lieten wasschen
En zalven met zijn licht, uit open plassen
Stonden golven als witte rammen op,
Met trossen schuim en horens op den kop.
Maar in zijn rand verbrak de zee in reven
Telkens en telkens weer, er boven dreven
Als gouden bijen wolken bij het blauw;
Duizende volle mondjes bliezen dauw
En zout in ronde droppen op den rand
Van roodgelipte schelpen, van het strand
De bloemen, witte en geele als room en rood'
Als kindernagels en gestreepte, lood-
Blauw als een avondlucht bij windgetij.
Ik heb op deze manier de hele Mei  in kleuren omgezet op basis van de editie van de DBNL: hier is mijn kleureneditie.

Ik ben als volgt te werk gegaan: ieder woord dat – in het Engels vertaald – correspondeert met een kleurennaam heb ik opgezocht op het internet, bijvoorbeeld in de Encycolorpedia.

Die historie vanden stercken Hercules : hoofdstukken [6] en [7]


Die historie vanden stercken Hercules

die veel wonderlike dinghen in sijn leven heeft ghedaen.
Sijn gheboerte was wonderlic, ende sijn leven was avontuerlic,
want hi menich vervaerlic beeste verslaghen heeft,
ghelijc men in die historie hier na verclaren sal.
Ende si is seer avontuerlic ende ghenuechlic om lesen.

Zoals gedrukt door Jan van Doesborch, Antwerpen 1521.





zondag 22 juni 2014

Mensen zijn apen en vogels in één

Door Marc van Oostendorp


Gibbonnetje
Nu berichten verschillende websites over alwéér een nieuwe evolutionaire verklaring voor het ontstaan van taal.

Het valt niet meer bij te houden hoeveel boeken en artikelen er verschijnen over de evolutie van taal. Het lijdt geen twijfel dat het vermogen om te spreken en te luisteren en in taal te denken de menselijke soort een unieke niche heeft gegeven in het dierenrijk; maar waar komt dat vermogen vandaan?

Het probleem is: we zullen het antwoord op die vraag misschien nooit weten, eenvoudigweg omdat het te lang geleden is, en er niets is overgebleven van de tijd dat het gebeurd is. Bovendien is er nu eenmaal maar één diersoort die taal heeft – de homo sapiens. Tegelijkertijd is er tussen groepen ('rassen') van mensen geen significant verschil in taalvermogen: iedere gezonde baby kan iedere menselijke taal leren wanneer ze in de juiste omgeving opgroeit. Omdat evolutiebiologie eigenlijk alleen goed kan worden uitgevoerd door middel van vergelijking, is ook die methode niet beschikbaar.

vrijdag 20 juni 2014

Promotie Taalbewustzijn onder Poolse studenten Nederlands

Op vrijdag 27 juni 2014 zal aan de Adam Mickiewicz Universiteit in Poznań (Polen) de publieke verdediging van het proefschrift van Robert de Louw plaatsvinden. In het proefschrift „Taalbewustzijn en taalattitudes tegenover twee variëteiten van het Nederlands onder Poolse studenten Nederlands” wordt onderzocht hoe bewust Poolse studenten Nederlands zich zijn van de verschillen tussen twee variëteiten van het Nederlands (Belgisch - Belgian Dutch - en Nederlands - Netherlandic Dutch), wat hun attitudes tegenover deze twee variëteiten en tegenover sprekers ervan zijn en welke factoren taalbewustzijn en taalattitudes (kunnen)  beïnvloeden.

Robert de Louw is medewerker van het Departement Nederlandse en Zuid-Afrikaanse Studies aan de Adam Mickiewicz Universiteit, Poznań, Polen

Meer informatie: http://wa.amu.edu.pl/dutchafrikaans/

Voorproefje op 32e Nacht van de Poëzie


De Nacht van de Poëzie keert op 20 september 2014 terug naar de plek waar hij ooit is geboren: de karakteristieke zaal van Herman Hertzberger waarover Leo Vroman dichtte: 


Nooit zal ik de achthoekigheid bereiken
waar jullie mij vanavond mee bekijken.


Tijdens het openingsfestival van TivoliVredenburg op 21 juni a.s. vindt alvast een korte, een uur durende Nacht van de Poëzie plaats. Ook wordt een aantal namen bekend gemaakt van dichters die optreden tijdens de 32ste Nacht van de Poëzie in september.

Zaterdag 21 juni 2014, 01.00 - 02.00 uur
TivoliVredenburg, Vredenburgkade 11, Utrecht
www.tivolivredenburg.nl
Entree €25,-/€ 15,-

Ik schrok: een maaltijd! Naar binnen!

Door Marc van Oostendorp

Het verschil tussen de o in bok en die in hok – dat is een uithoekje van de taalkunde waar mensen zich alleen bij feestelijke gelegenheden in wagen. Zoals gisteren in een lezing die Rick Derksen op een symposium hield dat was georganiseerd ter ere van onze collega Michiel de Vaan, die binnenkort naar Zwitserland vertrekt. 

Bok en hok worden van elkaar onderscheiden op het beroemde leesplankje van Hoogeveen: boven de o staat in het eerste woord een stip dat in het tweede ontbreekt. Het betekent dat de eerste volgens Hoogeveen met een wat geslotener mond moet worden uitgesproken dan het tweede. Voor de mensen die het verschil maken, is het verschil niet klein en heel duidelijk hoorbaar, zoiets als het verschil tussen pit en pet. Er zijn ook woorden die alleen verschillen in de uitspraak van de twee klinkers: schrok 'werd bang' tegenover schrok 'eet gulzig' is daar een voorbeeld van.

donderdag 19 juni 2014

Doe mosz dich de naas poetse





Door Leonie Cornips

Ergens weten we wel dat we veel vaker zich of een vorm daarvan als me en je zeggen en andere typen zinnen daarmee maken dan in het westen gebruikelijk is. Het viel mij pas op toen ik Nederlandse Taalkunde studeerde in Amsterdam. Ik ging ervan uit dat ik Nederlands sprak omdat dialect thuis niet aanwezig was. Maar tijdens de colleges taalkunde bleek pas goed dat ik heel andere oordelen over zinnen had dan mijn medestudenten en de tekstboeken. Die boeken beweerden dat zinnen als ‘Hij kocht zich een flesje Coca-Cola’ geen Nederlandse zin zou zijn. Pas veel later las ik precies deze zin terug in een van de romans van W.F. Hermans.

Het Nederlands kent wel zich maar nog niet lang want het komt pas ergens tussen 1600 en 1700 voor het eerst voor. In het Amsterdams zei of schreef men ‘hij wast hem’ in de betekenis van ‘hij wast zich’. En ook nu zeggen oudere sprekers in Noord-Holland nog even makkelijk ‘hij wast hem’ terwijl ze ‘hij wast zich’ bedoelen.

Een andere type zin waar iedereen tevergeefs in grammaticaboeken van het Nederlands naar zal zoeken is: ‘Doe mosz dich de naas poetse’ – opgetekend in Heerlen in 1884 – of ‘Je moet je de neus snuiten’. Ze kwamen vroeger in het Nederlands wel voor maar zijn verdwenen. Alleen in idiomatische uitdrukkingen leven ze voort: ‘Ik snoer hem de mond’ en ‘Hij hangt me de keel uit’.

Pas verschenen: M. Sergier & S. Vanasten (red.) Over literaire kritiek gesproken. Het boek Hugo.

In talrijke opzichten heeft Hugo Bousset sinds de jaren 1970 met zijn begeesterende, geëngageerde en persoonlijke visie op literatuurbeschouwing mee gestalte gegeven aan de reflectie over de moderne Nederlandstalige literatuur. Als eerbetuiging ontving hij naar aanleiding van zijn emeritaat als hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Université Saint-Louis (Brussel) een bundel bijdragen over de Nederlandstalige literaire kritiek uit de jaren 1970-2010.  

Over literaire kritiek gesproken. Het boek Hugo brengt scharniermomenten in de geschiedenis van de Nederlandstalige literaire kritiek uit de XXste en XXIste eeuw in beeld en peilt naar de uitdagingen waar de literaire kritiek vandaag voor staat. Uitgangspunt hierbij is de ‘literaire term’ in zijn brede betekenis en ambivalentie. Kritiek maakt literatuur, net zoals in literatuur en andere kunsten vormen van literatuurkritiek weerklinken. Zo laat het boek zien hoe ruim en breed literatuurkritiek door haar beoefenaars kan worden opgevat. Het verkent de grenzen ervan in verschillende genres, schrijftechnieken, registers en media, en onderstreept autonome participatie door actoren van verschillende gezindten – academici en literatuurwetenschappers, maar ook literaire essayisten, critici, schrijvers en kunstenaars. Ze schuwden hier het debat niet. Allen namen ze stelling volgens een eigen invulling van literatuurkritiek en/of gespiegeld aan de opvattingen van Hugo Bousset zelf, met soms verrassende resultaten tot gevolg.

Matthieu Sergier & Stéphanie Vanasten (eds.), Over literaire kritiek gesproken. Het boek Hugo, Brussel, Presses de l’Université Saint-Louis, 2014, 40 EURO.

Bestellen kan online (http://www.fusl.ac.be/publications/169.html) of door een berichtje te sturen naar Mevrouw Marie-françoise Thoua : thoua@fusl.ac.be.

Kleine Roman kan de R zeggen!

Door Marc van Oostendorp
Gisterenavond was een gedenkwaardige avond, want Roman kon die dag voor het eerst de /r/ zeggen. Net op de dag dat ik op bezoek was bij zijn ouders: ik viel met mijn neus in de boter. Hij deed het graag en trots heel vaak voor: zijn eigen naam met een krachtige, rollende /r/, een heel fraaie /r/, mooier dan ik hem maak, eerlijk is eerlijk.

Voor veel kinderen hoort de /r/ tot de laatste klanken die ze leren. Ik meen dat ik weleens een onderzoek gelezen heb waaruit blijkt dat kinderen wiens eigen naam met een R begint gemiddeld wat sneller zijn, maar dat onderzoek kan ik nu even niet vinden op het internet.

Maar ook kinderen met een R leren de bijbehorende klank niet als eerste. Hij is nu eenmaal lastig, een eenling onder de klanken.

woensdag 18 juni 2014

Gelijkenis

door Gert de Jager
  
Niet direct de fysionomie, maar lichaamsbouw, schedelvorm.
Koppen waarmee je een gat in de grond kunt boren. Je komt uit bij Paaseiland.
Mijn grootste tekortkoming? Dat ik naïef ben. Dat lieg je, zegt de door de wol geverfde interviewer. Nee, ik ben naïef. We zien: als er iets is wat hij oprecht meent, dan is het dat.
De ander: ik ben te goed van vertrouwen en word altijd bedrogen.
Niet alleen een systeem of systemen, maar het toeval uitsluiten. De spelersbus - die heb ik gemaakt.
De ander laat geen mus zomaar van het dak vallen en als het wel gebeurt, is het om iets mee te delen over een wereld waarin de mussen zomaar van het dak vallen.

Renaissance en Baroktheater over de Opstand terug op het toneel

Op zaterdag 4 oktober trapt theatergroep Kwast een nieuwe serie renaissance- en baroktheatervoorstellingen af met een stuk dat twee eeuwen lang voor volle zalen zorgde, populairder was dan de Gijsbrecht van Aemstel en nu vrijwel vergeten is; Reynerius Bontius Beleg en Ontset der stadt Leyden (1645). Het stuk beschrijft het klassieke verhaal van het Leidens ontzet. Bontius schreef het toneelstuk aan de hand van gesprekken die hij voerde met ooggetuigen. Waardoor het publiek de sensatie krijgt het beroemde beleg vanaf de eerste rij mee te maken.

Ook de andere opvoeringen in de serie voorleesvoorstellingen Mond op Mond brengen in 2014/15 beroemde episodes uit de oorlog tegen de Spanjaarden ten tonele. Op zaterdag 13 december bijten de spelers van Kwast zich vast in Gijsbrecht van Hogendorps Truer-spel van de moordt, begaen aen Wilhelm by der gratie Gods, prince van Oraengien (1617) en op 7 maart staat de belegering van Haarlem centraal met de opvoering van Steven van de Lusts Herstelde hongers-dwangh, of Haerlems langh en strenghe belegeringhe(1660), waarin de beruchte Kenau Simons Hasselaar haar toneeldebuut maakte.

Aankondiging van Praagse Perspectieven 10 te Praag op 30 en 31 oktober 2014.

Op 30 en 31 oktober 2014 organiseert de sectie Nederlands van de Karelsuniversiteit te Praag de tiende aflevering van Praagse Perspectieven onder de thema’s De circulatie van Nederlandstalige literatuur (Letterkunde) en Codewisseling (Taalkunde). De bijeenkomst wordt gehouden in het gebouw van het Oostenrijks Cultureel Forum, Praag 1, Jungmannovo nám.18, in de bibliotheek.

De verfacebooking van de wetenschap

Door Marc van Oostendorp


Dat het wetenschappelijk debat alleen bestond uit geredigeerde artikelen en boeken, presentaties tijdens congressen en vragenrondjes – dat was natuurlijk altijd al een illusie. Minstens even belangrijk waren het informele geklets in de koffiekamer, de roddels tijdens het congresdiner en de halfdronken krabbels op een servetje tijdens de borrel.

Alleen komt al dat informele gepraat nu in de wetenschap, net als elders in de samenleving meer aan de oppervlakte, bijvoorbeeld vanwege weblogs (zoals dit) en vanwege Facebook. En begint het zich meer en meer te vermengen met de officiële vormen. Niemand weet waar het heen gaat.

Zo is er in de taalkunde een klein schandaal ontstaan rond een recensie die een zekere Christina Behme geschreven heeft over een interview met Noam Chomsky. Dat zit zo.

dinsdag 17 juni 2014

Heeft het Nederlands te veel woorden?

Door Marc van Oostendorp

Het woord numineus kun je niet zomaar gebruiken: je moet het altijd van een uitgebreide toelichting voorzien. NRC Handelsblad blijkt zich, blijkens de digitale archieven, daar de afgelopen twintig jaar aan te houden: zodra het woord wordt afgedrukt, komt er een heel verhaal bij. "Met het numineuze verwees de Duitse godsdienstfilosoof Rudolf Otto begin van vorige eeuw naar datgene wat ons afschrikt en aantrekt tegelijkertijd, tremendum et fascinosum. Religie ontstaat uit huiver en ontzag," schreef de krant bijvoorbeeld in 2008.

Soms gaat het mis. Een paar weken geleden had de NRC een interview met Herman Wijffels en Herma van der Weide, en daaruit bestond de toelichting slechts uit één woord: "plots had ik een numineuze [bovennatuurlijke] ervaring". Prompt verscheen er gisteren een ingezonde brief van iemand die alsnog Rudolf Otto erbij haalde: "dat is echt veel meer dan in dat ene woordje 'bovennatuurlijk' wordt aangeduid."

Wat hebben we aan van die woorden die iedere keer weer moeten worden uitgelegd?

maandag 16 juni 2014

Afscheidscollege Roel Zemel (VU, 20 juni 2014)



Roel Zemel, universitair docent oudere Nederlandse letterkunde aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, neemt dit jaar afscheid van de Vrije Universiteit. Ter gelegenheid daarvan geeft hij op vrijdag 20 juni 2014 een afscheidscollege, onder de titel Helpe, wat lettren zijn dit? Over de held als dichter in Van den vos Reynaerde. Belangstellenden zijn welkom.

Tijd: inloop vanaf 15.00 uur, begin college 15.30 uur precies. Aansluitend borrel.
Locatie: VU-Hoofdgebouw, 15A-05, De Boelelaan 1105, Amsterdam