Verhuisd



Let op: Neder-L is verhuisd naar www.neerlandistiek.nl

maandag 3 juni 2013

Hoe moet het examen Nederlands er dan uitzien?


Utrecht, 3 juni 2013

Persbericht Vereniging Levende Talen

Als vereniging van leraren Nederlands zijn we verheugd dat ons pleidooi voor een ander examen Nederlands nu ook ondersteund wordt door een grote groep van hoogleraren Nederlands.

Onduidelijk blijft echter hoe het examen Nederlands er dan uit zou moeten zien. Wij hebben daar wel ideeën over. Het centraal examen Nederlands zou moeten bestaan uit twee onderdelen. Een beter en vooral valide examen leesvaardigheid en een centraal gecorrigeerd examen schrijfvaardigheid. Het schrappen van het onderdeel samenvatten in het examen per 2015 biedt daarvoor ook ruimte.

Bij de invoering van de Tweede Fase in 1998 is het examen Nederlands gehalveerd. Tot die tijd legden leerlingen naast een examen leesvaardigheid ook een examen schrijfvaardigheid af. Die amputatie van schrijven uit het centraal examen Nederlands en de eenzijdige overheidssturing op cito-examenresultaten hebben ertoe geleid dat op scholen steeds minder aandacht besteed wordt aan schrijven.

Het gaat ons daar bij niet eens zozeer om spelling en grammatica. Als vereniging van leraren Nederlands willen wij natuurlijk op geen enkele manier het belang van verzorgd taalgebruik bagatelliseren, maar spelling is in dezen het probleem niet. Het probleem ligt dieper. Leerlingen zijn steeds minder in staat een complexe gedachtegang helder onder woorden te brengen. Leerlingen van wie het niveau van schrijfvaardigheid onvoldoende is, spellen vaak niet eens zo slecht, maar zijn niet in staat een samenhangende tekst te schrijven. Ze springen van de hak op de tak en formuleren dermate onzorgvuldig dat er soms het tegendeel staat van wat ze bedoelden op te schrijven.

Zoals ook al te lezen stond in het rapport-Meijerink dat de inmiddels tot wettelijk kader verheven referentieniveaus taal presenteerde: “Opname van schrijfvaardigheid in het centraal schriftelijk examen is een teken dat de Nederlandse samenleving belang hecht aan het kunnen schrijven van goede teksten, qua inhoud, vorm en taalgebruik.” Tot nog toe wordt dat belang door politiek en ministerie van OCW echter nog niet gezien

Al sinds 2007 roepen wij als leraren Nederlands het ministerie van OCW en het College voor Examens op om schrijfvaardigheid weer terug te brengen in het centraal examen. De pilots ‘gedocumenteerd schrijven’ die indertijd door het College voor Examens zijn opgestart heeft een examenopdracht schrijfvaardigheid opgeleverd waar zowel deelnemende leerlingen als leraren bijzonder tevreden over waren. Daarnaast lijkt een vorm van centrale correctie door bevoegde en getrainde leraren de beste waarborg voor een voldoende betrouwbare beoordeling.

Vanuit het ministerie van OCW zijn de laatste jaren allerlei investeringen gedaan in onderzoeken en organisaties om de kwaliteit van het taalonderwijs te verbeteren, zonder al te veel rendement. Het zou goed zijn wanneer het ministerie van OCW nu investeert in het primaire proces en een centraal gecorrigeerd examen schrijfvaardigheid mogelijk maakt. 

12 opmerkingen:

  1. Herziening van de inhoud van het CE juich ik van harte toe, maar ik vraag me erg af hoe kan worden gewaarborgd dat de schrijftoetsen straks objectief en eerlijk kunnen worden beoordeeld.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Wat betreft het beoordelen van schrijftoetsen: voor schrijfvaardigheid (en andere aspecten van taalvaardigheid) in een vreemde taal zijn op Europees niveau prima correctieprotocols ontwikkeld, zie bijvoorbeeld: [url]http://www.languages.unimaas.nl/Cursussen/Niveaus_Common_European_Framework_Reference/CEF_Nederlands.htm[/url]. De criteria voor de hoogste niveaus (C1-C2) zouden wellicht passend zijn voor de evaluatie van schijfvaardigheid op vwo-niveau. Natuurlijk zijn ook deze toetsen voor een deel te halen door het leren van truukjes, maar truukjes om formuleringen helder te maken en argumentaties te structureren lijken me niet per se zinloos.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Ik ben het met Mirjam eens. Ook de examens uit Vlaanderen of die van de Europese Scholen kunnen als referentiekader dienen. Ik verwacht dat het eindexamen van het vwo in Nederland, wat ik net met veel ongeloof doorgelezen heb, van een dergelijke vergelijking alleen beter kan worden.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Er word niet aan de studenten gedacht,
    Ik heb zelf ook het examen NL gehad dit jaar en ik en veel medeleerlingen vonden het examen nog best pittig. Dit examen was wel met de goede inhoud. Wij hebben natuurlijk 4 jaar lang NL gehad, en het examen is hier een goede 'samenvatting' van en je hebt hier zeker je vaardigheden voor nodig! Tuurlijk vinden mensen van een hogere leeftijd het examen makkelijk en niet nuttig. Maar dit zien de studenten zeker anders, ook is er vooral door havo veel geklaagd over het NL examen. Hoe zou dit dan komen? Daar denkt niemand bij na!
    Ik vind het ook zeer apart dat mensen die het examen niet hebben gezien of doorgelezen ook vinden dat het moet worden herzien. Of andere mensen die helemaal geen verstand hebben van dit soort zaken.
    stapt u maar eens in de schoenen van alle zenuwachtige studenten die zo hun best hebben gedaan bij alle examens maar ook zeker bij het NL examen!

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Niet ten onrechte is de schrijfvaardigheid uit het centrale gedeelte van het eindexamen Nederlands gehaald. Iedereen die nog wel heeft meegemaakt dat een stelopdracht onderdeel was van het centraal gedeelte van het eindexamen Nederlands, weet:
    1. Dat slechts de opdracht(en) centraal mochten heten, maar dat aan de beoordeling hiervan niets centraals te bespeuren viel. Omdat de correctiedruk voor docenten Nederlands toch al hemeltergend hoog was, was de tweede correctie op dit onderdeel niet van toepassing verklaard. Het gevolg was dat iedere docent bij de beoordeling de vrije hand had. En dat leidde ertoe dat het een algemeen aanvaarde praktijk was geworden, om het cijfer voor de schrijfvaardigheidtoets, het sluitstuk van het examen Nederlands, te gebruiken om ervoor te zorgen dat dit eindcijfer tenminste een voldoende werd. Als de docent niet uit zichzelf hiertoe overging, maakte de schoolleiding hem wel duidelijk dat dit natuurlijk de bedoeling was.
    Mij is tenminste één geval bekend van een docent die nooit een stelopdracht had gegeven voordat het examen plaatsvond. De ongeruste moeder heb ik duidelijk genaakt dat ze zich nergens zorgen over hoefde te maken. Zo iemand pleegt geen suïcide door op het examen met onvoldoendes te gaan strooien. Het cijfer was daarna een acht geloof ik.
    2. Over de beoordeling is dan ook geen enkele consensus ontwikkeld. Het enige enigszins objectieve beoordelingsmodel dat bij invoering van de Mammoetwet aan de scholen is verstrekt, de ‘Meervoudig Globale Beoordeling’ die enige eerlijkheid waarborgde zonder dat de docenten volledig in de correctie verdronken, werd alras nergens toegepast. Zodanig dat zelfs de inspecteur, toen een rector eens vroeg hoe het daarmee zat, na onderzoek moest toegeven dat hij van dit protocol niet op de hoogte was (geweest), maar dat deze manier van beoordelen niettemin door het ministerie nooit was ingetrokken.
    3. Het is dan ook heel begrijpelijk dat het ministerie heeft ingegrepen. Het eindcijfer Nederlands dat was behaald op verschillende scholen en zelfs bij verschillende docenten van dezelfde school was gebaseerd op totaal verschillende prestaties. Daar was als gezegd niets ‘centraals’ aan.
    4. ‘Gedocumenteerd schrijven’ waar ‘Vereniging Levende Talen’ nu zo hoog van opgeeft, leverde in mijn waarneming vooral docenten op die, zo ze er al mee waren begonnen, daar ras van terugkwamen als ze niet, ook door henzelf, voor gek wilden worden versleten. Ik weet waar ik het over heb. Ik heb er zelf aan meegewerkt en ideeën aangeleverd die in syllabi zijn gebruikt.
    5. De ‘Vereniging Levende Talen’ heeft de geschetste wantoestanden decennia laten voortbestaan, zonder zich ooit te bekommeren om werkzame alternatieven. Voor een ‘centraal gecorrigeerd examen schrijfvaardigheid’ waar ze nu zo losjes over schrijft, heeft ze naar mijn weten in al die jaren nooit een uitgewerkt voorstel gedaan. Wel heb ik ooit uit betrouwbare bron vernomen dat deze ‘Vereniging’ inmiddels door het ministerie nog slechts als een niet ter zake doende en serieus te nemen lawaaiclub werd gezien.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Toe maar, dat is nogal wat!
      Vereniging levende talen, wat heeft u daarop te zeggen???

      Verwijderen
  6. Dit persbericht van Levende Talen ondersteun ik. Zowel de onzekerheid in de titel als het pleidooi voor opname van schrijfvaardigheid in het Centraal Examen drukken uit op welk punt we inmiddels aanbeland zijn. Het CE is nu niet goed genoeg; hoe het precies moet weet niemand, maar in die ene CE-zitting kan een te klein deel van ons belangrijke vak worden geëxamineerd.

    De anonieme 'Piet' heeft nogal wat noten op zijn zang. Zo meet hij een toekomstige praktijk af aan een praktijk uit lang vervlogen tijden: de examinering van schrijfvaardigheid (zonder centraal beoordelingsmodel) was vroeger niet goed, dus kan het in de toekomst niks wezen, meent hij. Dat lijkt mij een drogredenering. Als wij als beroepsgroep de verantwoordelijkheid opbrengen om een centraal, met z'n allen afgesproken beoordelingsmodel naar behoren toe te passen, zal dat bijdragen aan de kwaliteit van, en het maatschappelijk respect voor ons oordeel.

    Alle recente pilot-onderzoeken door Levende Talen, CvE en CITO naar de beoordeling van schrijfvaardigheid zijn tot nog toe geënt op een centraal correctievoorschrift. Een m.i. verstandige keuze, die de punten 1 t/m 3 van Piets reactie overbodig maakt. Bovendien neemt LT het idee in overweging dat een docent nooit het examenwerk van zijn eigen leerlingen beoordeelt. Ook dat idee waardeer ik, hoe riskant het ook mag voelen. Ik zie het als een teken van respect voor de beoordelingsbekwaamheid van mijn collega's.

    Punt 4 van Piets kritiek is een particuliere opvatting die niet te controleren valt. Ik voel mij prima bij gedocumenteerd schrijven, en ben niet de enige docent Nederlands met vertrouwen in die benadering van schrijfvaardigheid. Zowel vanwege de toetsbaarheid (je kunt nagaan op welke gronden een leerling iets schrijft) als ecologische validiteit (de leerlingen doen in hun vervolgopleiding niet anders dan gedocumenteerd schrijven). Dus wat nu, Piet?

    Punt 5 met zijn 'lawaaiclub' is een vorm van kwaadsprekerij die al helemaal niet te becommentariëren, laat staan te weerleggen valt. Behalve de evidente onjuistheid dat LT zich nooit bekommerde om wantoestanden. Ik zal Piets punt dus maar negeren. Het feit dat Levende Talen en de partnerorganisatie VVVO al sinds jaar en dag betrokken worden bij ministerieel overleg over relevante kwesties moet Piet dus ook maar negeren.

    Kortom, beste Anoniem, ik vind de reactie van die 'Piet' helemaal niet 'nogal wat'. Hij bestaat uit achterhaalde en lichtgewicht beschuldigingen. Laten we onze tijd beter besteden.

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Ik zou ‘nogal wat noten op mijn zang’ zou hebben. Dit lijkt me een drogreden, een argumentum ad hominem. Ik geef een mening en ik voorzie die van een onderbouwing.
    Om in de sfeer van de formulering te blijven: een Vereniging die de door mij geschetste toestanden veertig jaar liet voortbestaan – vanaf de invoering van de Mammoetwet tot tenminste 2007 - past het een toontje lager te zingen. Onbekommerd weer hoog van de toren blazen en de geschiedenis als niet ter zake voor te stellen vind ik ongepast. Resultaten van het verleden bieden ook hier bepaald weinig vertrouwen in de toekomst.
    Dat niettemin vanaf 2007 van alles veel beter zou zijn, onttrekt zich aan mijn waarneming. Ik sta vanaf 2001 nier meer voor de klas, maar heb nergens vernomen dat het sindsdien met het onderwijs c.q. de beheersing van het Nederlands bij de aankomende studenten een stuk vooruit zou zijn gegaan.
    Dan de kwestie. De kern van mijn betoog was, dat veertig jaar lang docenten Nederlands zich hebben kunnen onttrekken aan iedere vorm van effectieve controle. Het doet mij plezier als dat nu afgelopen zou zijn. Dat lijkt mij namelijk een eerste stap op weg naar het bereiken van kwaliteit. Maar ik houd mijn hart vast als ik lees dat LT ‘dat een docent nooit het examenwerk van zijn eigen leerlingen beoordeelt’ niet als primair vereiste ziet, maar slechts bereid is om dit ‘in overweging’ te nemen. Ook HMinkema gaat niet verder dan dat hij/zij dit wel waardeert. Dit heeft blijkbaar niet de hoogste prioriteit.
    Vervolgens beweert HMinkema dat hij/zij zich prima voelt bij ‘gedocumenteerd schrijven’. Twee kanttekeningen. Als dat werk niet door de eigen docent wordt nagekeken, moet die beoordelaar behalve van het product ook kennis moeten nemen van de daaraan ten grondslag liggende documentatie. Hoe denkt de HMinkema dat te realiseren? Wat betreft zijn/haar eigen welbevinden: ik weet niet hoe de gang van zaken nu is. Toen ik me hiermee heb bezig gehouden, vereiste de begeleiding hiervan een onhaalbare tijdsinvestering. Bij de examinering werden vervolgens keukenwagentjes met documentatiemateriaal de examenzaal ingereden, bij het zien waarvan de surveillanten –niet - Neerlandici zich bijkans verslikten in hun koffie. Maar ik lig misschien eeuwen ver achter.
    Dan nog wat sprokkelwerk:
    - Ik zou graag vernemen, uiteraard controlerbaar, wanneer en hoe LT zich in het verleden heeft bekommerd om de door mij aangewezen wantoestanden. Ik heb daar – ik ben altijd lid geweest – nooit iets van gemerkt. In ieder geval heeft die bemoeienis nooit tot iets geleid ondanks ‘het feit dat Levende Talen en de partnerorganisatie VVVO al sinds jaar en dag betrokken worden bij ministerieel overleg over relevante kwesties.’
    - Ik neem vooralsnog aan dat HMinkema zich bij zijn/haar adhesiebetuiging aan het bericht van LT ook aansluit bij de daar maar weer eens naar voren gebrachte opvatting dat het ‘niet eens zozeer om spelling en grammatica’ gaat. Bij een toets schrijfvaardigheid nota bene. Dat is zoiets als een architect alleen beoordelen op een mooie dakkapel, maar het van ondergeschikt belang achten dat het betreffende gebouw in de drassige ondergrond niet voorzien is van fundamenten. Maar spelling en grammatica zijn nou eenmaal wel controleerbaar en er valt objectief vast te stellen: goed of fout. Bovendien hoort veel daarvan tot de stof van de basisschool.
    Ook bij tekstbegrip worden deze elementen van volstrekt ondergeschikt belang geacht. Dit deed een collega Frans van mij in het verleden opmerken dat blijkbaar aan een zin als: Een kib lechd een ij een tien als score moet worden toegekend en de zin Een haan legt een ei met nul punten dient te worden gehonoreerd. Bij een examen Nederlands!
    - Zou LT zich niet, al dan niet met steun van de heer/mevrouw Minkema ertoe kunnen beperken om de vraagstelling bij tekstbegrip te verbeteren? Dan wordt er tenminste op een sympathiek bescheiden manier gewerkt aan echte verbetering.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ik heb geen idee waar de aversie van collega 'Piet' ten aanzien van Levende Talen vandaan komt, maar je vakvereniging: dat ben je zelf. Via de jaarvergadering, discussieavonden en gewoon via de mail kunnen leden altijd hun invloed uitoefenen. Overigens ontvang ik tot nog toe alleen maar steunbetuigingen.

      Bovendien zijn we, anders dan veel vakbonden, een bestuur dat bestaat uit vrijwilligers die dit naast hun werk doen, daarmee is wat we als LT kunnen doen afhankelijk van hoeveel collega's mee willen doen. Dus Piet, niet zo zuur, mail me gewoon (voorzitter.nederlands@levendetalen.nl) en help mee om te zorgen dat de stem van de leraar Nederlands gehoord wordt.

      Verwijderen
  8. Ook bovenstaande reactie van Klaas Heemskerk speelt op de man. Hij gaat niet in op enig door mij vermeld feit of argument, maar beoordeelt kritiek blijkbaar als iets dat op een zuur karakter wijst. Ook hij heeft liever dat ik mee vooruit kijk en met hem mee ga werken. Klaas, als je goed had gelezen had je geweten, dat ik allang niet meer voor de klas sta.
    En waar mijn ‘aversie ten aanzien van Levende Talen’ vandaan komt, dat heb ik dacht ik duidelijk aangegeven. Concreter kan ik het niet maken en leuker ook niet.
    In het verleden kregen critici geen poot aan de grond en nu heb je blijkbaar uitsluitend steunbetuigingen ontvangen. Dat is erg fijn voor je. Zo’n situatie wenst menige bestuursbobo zich en jij hebt dat toch maar mooi voor elkaar.
    Of is dat toch niet helemaal waar? In het persbericht dat de hoogleraren Nederlands hebben doen uitgaan lees ik als een van de punten die hun misnoegen wekken: In de antwoorden op de open vragen worden spel- en schrijffouten niet meegerekend. Datzelfde bezwaar heb ik ook aangetekend, terwijl het persbericht van Levende Talen als vanouds stelt: Het gaat ons daar bij niet eens zozeer om spelling en grammatica.
    Ik ga mijn tijd maar weer eens in iets anders steken. Ik denk dat over de afstand die er tussen mij en de heren/mevrouw? HMinkema en Klaas Heemskerk maar het beste in poëtische zin kan worden opgemerkt:
    Si conden bieen niet comen, het water was veel te diep. Voor het overige wens ik de heren/mevrouw HMinkema en Klaas Heemskerk het allerbeste toe in hun niet aflatende pogingen om anderen te leren goed te lezen en complexe gedachtegangen niet slechts te volgen, maar ook nog te doorgronden en zelf op schrift te zetten.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Piet, als je zo heet (ik kijk het liefst mensen in de ogen en wil niet op de man spelen): Klaas krijgt echt niet uitsluitend steunbetuigingen. In ieder geval niet van mij. Je aversie tegen LT is duidelijk, maar je verzuring niet minder. Da's toch jammer. In al je commentaar - het is nogal wat, zie ik ook soms echt een schot in de roos. En dan mis je je doel.

      Ik ben niet je moeder, niet je psycholoog en niet veel jonger. Toch durf ik te zeggen dat je wat van je wilde boosheid moet inleveren voor wat rustige wijsheid.

      Toch beledigd of niet duidelijk wat ik bedoel? Ik zit niet te wachten op tijdrovend geklets, maar ik roep nooit iets vrijblijvends, hoop ik. wamvermeer@xs4ll.nl

      Verwijderen
  9. Beste Wam,
    Allereerst wil ik je toevertrouwen dat ik echt Piet heet. Met name voor intimi.

    Wat betreft mijn boosheid: zoals je hebt kunnen lezen zijn er decennia lang misstanden blijven bestaan zonder dat de VLLT adequaat reageerde. Wanneer wou jij boos worden? Als je persoonlijk met zinloos geweld wordt bedreigd?
    Puntjes op de i kunnen inmiddels minder kwaad dan wegkijken en vervolgens maar weer in gestrekte pas samen met zijn allen voorwaarts, geloof ik.

    Nou stop ik er echt mee. Ik hoop dat een en ander in ieder geval stof biedt tot nadenken. Want dat was mijn bedoeling.
    En met dat proces wens ik ook jou veel succes.

    BeantwoordenVerwijderen

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.