vrijdag 16 maart 2012

Dat smaakt naar bijgeloof

Ik verspreid bijgeloof en onzin, althans ik draag ertoe bij dat u blijft volharden in uw bijgeloof en onzin. Als u denkt dat vrijdag de dertiende gevaarlijk is, spreek ik u niet tegen, integendeel. Dat beweert althans de weblogger Taalprof.

Wat is er aan de hand? Gisterenmiddag las een twitteraarster een taaladvies op de website van Onze Taal, waarin beweerd werd dat de uitdrukking lekker smaken heus niet ongrammaticaal is, omdat het immers géén contaminatie is. Lekker ruiken is ook niet fout. De twitteraarster uitte haar verbazing over dat advies op Twitter, maar Onze Taal volhardde in haar standpunt: lekker smaken is als lekker ruiken en als de tweede wordt goedgekeurd, dan de eerste ook.

En toen kwam ik.

donderdag 15 maart 2012

Face rijmt op reet. En wat doet de regering?

Foto: FaceMePLS
Waarom maakt iedereen zich zo druk over de centjes, terwijl er een waar maatschappelijk debat is losgebarsten over een van de ankers van de Nederlandse cultuur? Over een onderwerp waar iedere Nederlander een mening over heeft, omdat hij er minstens één keer per jaar aan moet geloven — het rijm. Voor- en tegenstanders roeren zich en schrijven felle pamfletten om hun standpunt te verdedigen. De samenleving dreigt gespleten te raken — waar moet dat heen met onze cultuur? En dat in de boekenweek!

woensdag 14 maart 2012

Taal is een Qwerty-bord


Kan de Nederlandse taal verbeterd worden? Vrouwendag is weliswaar alweer bijna een week geleden, maar de vraag is sindsdien nog niet opgehelderd. Op die dag opende de filmmaakster Patricia Niedzwiecki een drietalige website, Femilang.org die aan deze materie gewijd is. (Opgelet, deze door de Brusselse staatssecretaris Bruno De Lille geopende website is zonder twijfel de lelijkste die ik in tijden heb bezocht.)

Zolang secretaresse en secretaris nog zoveel van elkaar verschillen in gevoelswaarde, valt er ongetwijfeld een heleboel te verbeteren. Maar een belangrijke, volgens mij nog onopgehelderde vraag is waarom dat nooit lukt. Ik ken geen taal die de afgelopen decennia succesvol gefeminiseerd is.

Gratis boekenweeksonnettenkrans

Veertien Tilburgse dichters* hebben vanwege de boekenweek samen vijftien sonnetten geschreven. Geheel vriendschappelijk. En omdat deze veertien aardige jongens allemansvrienden zijn, kan iedereen deze sonnettenkrans gratis downloaden. Iedereen, dus ook mensen die niet in Tilburg wonen.
_____________
*) Martijn Neggers, Nathan de Groot, Daan Taks, Esther Porcelijn, Jeroen Kant, Robert Proost, Andrew Cartwright, Bas Jongenelen, Martin Beversluis, Frank van Pamelen, Pjotr Eikenboom, Nick J Swarth en Jasper Mikkers.

dinsdag 13 maart 2012

ze Breken gemakkelijk af

Het zal wel geen toeval zijn dat De buurman, de titel van Voskuils posthume roman, bijna hetzelfde klinkt als Het bureau. Het nieuwe boek is een vervolg op de successerie en er tegelijkertijd een spiegelbeeld van. Waar Maarten en Nicolien in Het bureau vaak ruzie hadden over Maartens werk, daar kibbelen ze in het nieuwe boek over Nicoliens vriendschap met de homoseksuele buren. Maarten heeft zijn bureau, Nicolien heeft de buurman.

De buurman is veel harder dan Het bureau. Er wordt echt in gescholden.

maandag 12 maart 2012

Hip-hop uit de zestiende eeuw

In de zestiende eeuw was het refereyn één van de belangrijkste literaire genres. Een belangrijk onderdeel van het refereyn was de voordracht, maar helaas weet niemand hoe deze voordrachten geklonken moesten hebben. Zoals mijn voormalig docent Jan Heersche zei: ‘Ze hebben de geluidsbanden weggegooid.’

Volgens Herman Pleij werden de refereynen gezingzegd, en klonken ze min of meer als raps. Deze theorie indachtig heb ik met beat creator Barry Studebaker en producer Marco Martens (Macronizm) het refereyn ‘Nv segt mi wie heeft den prijs ghewonnen’ opgenomen alsof het een raptekst was.

Dit refereyn komt uit de refereynenbundel van Jan van Doesborch uit circa 1524. De tekst is slechts op een paar details gewijzigd, verder heb ik de uitspraak zo modern mogelijk gemaakt. De muziek is absoluut niet zestiende-eeuws – als je de plank mis slaat, sla hem dan ook goed mis.

Klik hier om de hip-hop-variant van ‘Nv segt mi wie heeft den prijs ghewonnen’ te beluisteren.

Linda werkt bij een bank

Linda heeft theaterwetenschappen gestudeerd, probeert zoveel mogelijk vegetarisch te leven, woont alleen met twee poezen en is 'ondanks de rechtse praatjes' nog steeds geabonneerd op de Volkskrant. Welk van de onderstaande twee beschrijvingen is het waarschijnlijkst op Linda van toepassing?
  1. Ze werkt bij een bank.
  2. Ze werkt bij een bank en is lid van GroenLinks.

De meeste mensen kiezen voor de tweede beschrijving, maar dat is aantoonbaar onjuist:

zondag 11 maart 2012

Valentijn ende Oursson' : hoofdstuk 18


Een schone ende wonderlijcke historie van Valentijn ende Oursson, de twee edele vrome ridders, sonen vanden mogenden keyser van Griecken ende neven vanden edelen koningh Pepijn, doen ter tijt koningh van Vranckrijck. Uyt de Francoysche in onse Nederlantsche sprake overgeset. Van nieus oversien ende verbetert. T’Amsterdam, gedruckt by Jan Jacobszoon Bouman, boeckverkooper op ’t Water, in De Lelye onder de Doornen. Anno 1657.



Dieventaal

Een maand geleden werd in Antwerpen de Taalunie-scriptieprijs uitgereikt, een prijs voor de beste masterscriptie over Nederlandse taalkunde. (De prijs ging dit jaar naar Barbara Snel uit Leiden.) Bij die gelegenheid hield de jonge schrijver Daan Heerma van Voss een toespraakje, waarin hij zich plaatste in de traditie van schrijvers die denken dat hun stijl verbetert door deze luidkeels aan te prijzen:

zaterdag 10 maart 2012

'Valentijn ende Oursson' : hoofdstuk 17


Een schone ende wonderlijcke historie van Valentijn ende Oursson, de twee edele vrome ridders, sonen vanden mogenden keyser van Griecken ende neven vanden edelen koningh Pepijn, doen ter tijt koningh van Vranckrijck. Uyt de Francoysche in onse Nederlantsche sprake overgeset. Van nieus oversien ende verbetert. T’Amsterdam, gedruckt by Jan Jacobszoon Bouman, boeckverkooper op ’t Water, in De Lelye onder de Doornen. Anno 1657.



Steeds weer die garnalenhersens

Foto: Perpetualplum
Hét glorieverhaal van de Nederlandse recherche in de afgelopen tien jaar was de zoektocht naar de schrijver van de kogelbrieven tien jaar geleden. In de jaren 2002 en 2003 ontvingen allerlei bekende Nederlanders — van Katja Schuurman tot en met koningin Beatrix — een doodsbedreiging in een brief met een kogel. Door allerlei ingenieuze technieken wist de politie hem te vinden.

Taalkundigen speelden een hoofdrol in dit recherchewerk.

vrijdag 9 maart 2012

Vacature Universiteit Antwerpen, onderzoek spiritualiteit tot ca. 1750

Binnen het Ruusbroecgenootschap, geassocieerd onderzoeksinstituut van de Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, is volgende deeltijdse functie (m/v) vacant

Zelfstandig academisch personeel (70%)
in het domein ‘Geschiedenis van de spiritualiteit
in de Nederlanden tot ca. 1750’

Een vriendin die meeuwpje zegt

Foto: Ebelien
Wie wil er geen vriendin die meeuwpje zegt? Ik had eerder deze week de p nog niet tot de saaiste medeklinker van het Nederlands uitgeroepen of de weetjes en feitjes buitelden binnen. Het interessantst vond ik wat Marcel Plaatsman via Twitter meldde:

M'n vriendin zegt dingen als "mouwpje".

donderdag 8 maart 2012

Voorintekening twee 17e-eeuwse kluchten

n het voorjaar verschijnt bij de Stichting Neerlandistiek VU Amsterdam / Nodus Publikationen Münster de onderstaande kluchteneditie.

J. Noseman: Hans van Tongen, of Razende-Liefdens-Eynd (1644) & De Wanhébbelyke Liefde (1678), bezorgd door Nil Volentibus Arduum met inleiding en aantekeningen uitgegeven door Arjan van Leuvensteijn

Nederlands ISBN-nummer: 978-90-8880-026-9
Duits ISBN-nummer: 978-3-89323-770-8

De omvang van het boek is ongeveer 240 bladzijden.
Bij voorintekening is de prijs € 25 (excl. € 4 verzendkosten). Na verschijnen bedraagt de prijs € 30 (excl. € 4 verzendkosten).

Een nieuw soort Tante Betje

Het was gisterenmiddag een klein foutje op de website van NRC Handelsblad — een foutje dat bovendien na een paar uur alweer hersteld was:

1.- Het Noorse openbaar ministerie klaagde de 33-jarige massamoordenaar vandaag formeel aan, maar verdwijnt waarschijnlijk niet achter de tralies.

Die zin suggereert dat het Noorse openbaar ministerie niet naar de gevangenis hoeft. Een verschrijvinkje, kun je zeggen, maar er is meer aan de hand.

'Valentijn ende Oursson' : hoofdstuk 16

 
Een schone ende wonderlijcke historie van Valentijn ende Oursson, de twee edele vrome ridders, sonen vanden mogenden keyser van Griecken ende neven vanden edelen koningh Pepijn, doen ter tijt koningh van Vranckrijck. Uyt de Francoysche in onse Nederlantsche sprake overgeset. Van nieus oversien ende verbetert. T’Amsterdam, gedruckt by Jan Jacobszoon Bouman, boeckverkooper op ’t Water, in De Lelye onder de Doornen. Anno 1657.



woensdag 7 maart 2012

Een heel dun boek over de p

Wanneer ik genoeg papier had, zou ik een encyclopedie uitgeven over de klanken van het Nederlands, met voor iedere klinker en medeklinker een apart deel: een boek over de harde en de zachte g, een boek over de lange aa uit slaap, een boek over de b in bal en een extra dik boek over de toonloze e ('sjwa') in slappe.

U denkt dat ik overdrijf, maar over ieder van die klanken valt veel en meeslepend te schrijven: hoe de schrapende g ooit de 'Engelse' g moet hebben verdreven (ooit moeten wij goed op min of meer dezelfde manier zijn begonnen als het Engelse good en het Duitse gut), hoe de aa de enige lange klinker is die voor een lf voorkomt in het Nederlands (in twaalf) en de b nauwelijks na een andere medeklinker kan staan aan het eind van een woord (je hebt wel kalf, help, kalm maar geen woorden als kalb). En waarom we de toonloze e zeggen als ons verder niets invalt (eeeh) of als twee medeklinkers botsen (mellek) of als we onnadrukkelijk spreken (ketoor, menuut).

'Valentijn ende Oursson' : hoofdstuk 15


Een schone ende wonderlijcke historie van Valentijn ende Oursson, de twee edele vrome ridders, sonen vanden mogenden keyser van Griecken ende neven vanden edelen koningh Pepijn, doen ter tijt koningh van Vranckrijck. Uyt de Francoysche in onse Nederlantsche sprake overgeset. Van nieus oversien ende verbetert. T’Amsterdam, gedruckt by Jan Jacobszoon Bouman, boeckverkooper op ’t Water, in De Lelye onder de Doornen. Anno 1657.



dinsdag 6 maart 2012

Zondag 18 maart, Leiden: Salon der Verzen

Stichting Feest der Poëzie presenteert de Salon der Verzen, een bijzondere belevenis met poëzie, muziek en magie. Op zondag 18 maart vindt deze voorstelling plaats in de stijlvolle ambiance van het Plantsoentheater te Leiden.

De dichters van het Feest der Poëzie, Mieke van Zonneveld, M.A.W. Ouderyte, Lennard van Rij en Simon Mulder, dragen voor. Zij doen dat o.a. uit hun bijdragen aan Avantgaerde, een uit lood gezet, op een drukpers uit 1913 gedrukt en handgebonden periodiek voor de dichtkunst. Ook is er muziek van sopraan-pianoduo Susanne Winkler en Daan van de Velde met klassieke liederen, waaronder liederen van vergeten 19e-eeuwse Nederlandse componisten, en een magische act van verwonderaar Arjan van Vembde, die poëzie en goochelkunst verenigt. U proeft de sfeer van een 19e-eeuwse salon!

Datum, tijd: 18 maart 2012
Zaal open: 15 uur, aanvang: 15:30 uur, afloop: 17:00 uur
Entree: 22,50 euro (incl. koffie/thee)
Locatie: Theaterhuis Het Plantsoentheater, Plantsoen 45, Leiden
Reserveren: www.plantsoentheater.nl/kaartverkoop of 06-48151584

Meer informatie over het Plantsoentheater: www.plantsoentheater.nl
Meer informatie over Stichting Feest der Poëzie en de Salon der Verzen: www.feestderpoëzie.nl

De wereld in een tussen-n

Het is zoiets kleins, de -en in ideeënwereld, maar je kunt er eindeloos over soebatten. Over de spelling is dat ook al uitentreuren (uitetreuren) gedaan, maar er is meer. De uitspraak, bijvoorbeeld (spreek je die n nu wel of niet uit?), maar ook de betekenis: waarom zeggen we niet ideewereld? Heeft dat er echt iets mee te maken dat het gaat over een wereld van meer dan één idee?

Vorige week promoveerde Esther Hanssen in Nijmegen op een proefschrift over dit onderwerp. Ik was op reis en kon jammer genoeg niet bij de promotie aanwezig zijn. Ik heb haar proefschrift nu pas gelezen (u kunt het hier gratis downloaden).

Het leuke is dat Hanssen de vraag uit allerlei invalshoeken benadert: ze bekijkt hoe die tussenklank wordt uitgesproken in verschillende dialectgebieden — daar waar ze de n van het meervoud altijd uitspreken, daar waar ze dat nooit of alleen maar soms doen. Ze laat sprekers in experimenten luisteren naar samenstellingen om te zien of ze de associatie maken met een meervoudige vorm. En ze gaat na of mensen bij het onzinwoord moelengarmik eerder denken aan de garmik van een moel of aan de garmik van moelen.

De conclusie is steeds dezelfde: